|
|
Afrikaanse
invloed op Westerse kunst Karel Appel: Bron: Wikipedia NL
|
|
|
![]() Permeke: Groen naakt Gemeente Museum Den Haag |
Constant
Permeke: Bron:
Museumkrant Gemeentemuseum Den Haag
|
||
| Picasso Het is duidelijk dat Picasso op zijn laatst ergens in de lente van 1907 bekend raakte met Afrikaanse beelden. De schilderijen uit die periode bevestigen dat. De 'Demoiselles d'Avignon', of tenminste de twee figuren rechts en zelfs meer nog de studies die ermee samenhangen en een aantal verwante schilderijen uit 1907, bevestigen allemaal zijn kennis van tenminste twee Afrikaanse stijlen, maskers uit Ivoorkust (vooral Dan) en met koper beslagen wachterfiguren van de Bakota stam uit Gabon. Een vergelijking van de 'Danser' (1907), het schilderij dat het meest overeenkomt met z'n primitieve prototype wijst op Picasso's gecompliceerde en subtiele relatie met Afrikaanse kunst. De parallellen zijn duidelijk: de armen van de figuur zijn achter het hoofd gebracht om het gezicht te omlijsten op de manier van de schematische hoofdtooi van het Bakota beeld; het gebogen rechterbeen met de voet die tegen de linkerkuit drukt, benadert de hoekig gevormde ledematen (die misschien helemaal geen benen zijn) en het geruwde oppervlak van het metaal kan vergeleken worden met de weloverwogen grote en ongelijke modellering van ogen en neus. Maar de verschillen zijn minstens even sprekend. (meer bij cultuurnetwerk.nl)
|
|||
|
Bron: Ivo
Bouwman |
Kubisme
In 1906 schildert Pablo Picasso (1881-1973) onder invloed van primitieve
Afrikaanse kunst het schilderij Demoiselles d'Avignon; het beginpunt van het kubisme. Samen met Georges Braque (1882-1963) ontwikkelt hij in de volgende jaren de meest invloedrijke kunststroming van de 20e eeuw. De centrale gedachte in het kubisme is datje een object het best weergeeft als je het van verschillende kanten tegelijk bekijkt. Vervolgens worden deze verschillende gezichten op het object in een schilderij
gecombineerd. |
![]() Georges Braque: Stilleven |
|
|
Bron: Frans Liederlmeijer
|
In Europa en Amerika ontstond er vanaf 1890 op het gebied van architectuur en kunstnijverheid een nieuwe stijl, die in internationaal verband de Franse benaming 'art nouveau' kreeg, maar in Duitsland 'Jugendstil' heet, in Oostenrijk 'Wiener Sezession' en 'Wiener Werkstätte', in Spanje 'modernista', in Italië 'stile Liberty' en in ons land 'Nieuwe Kunst'. Ondanks de verschillen in naam en verschijningsvorm zijn er grote overeenkomsten, zoals de inspiratie op de natuur, op grote stijlen uit het verleden, de stilering van vorm en decoratie en een fascinatie voor niet-westerse culturen als de Japanse, de Perzische en wat Nederland betreft de Indonesische.
|
||
|
Bron: Kunstbeeld.com
Bron: De Kunstkijker
|
De
Expressionisten Die Brücke en Der Blaue Reiter Die Brücke is een kunstenaarsvereniging die vanaf juni 1905 tot 1913 een groep expressionistische schilders bond. Hun doel was om de kunst te bevrijden van de academische vormleer. De schilderijen van de afzonderlijke leden toonden heel veel overeenkomsten door hun intensieve samenwerking. Ze hadden een gemeenschappelijk atelier in Dresden waar ze naast schilderijen ook grafisch werk en driedimensionaal ( m.n. houtsnijwerk) werk vervaardigden. Deze collectieve stijl kreeg meer persoonlijke kenmerken na hun verhuizing van Dresden naar Berlijn. Tijdens hun jaren in Dresden is het naaktfiguur het meest voortkomende motief. Hun geloof dat het dagelijks leven en kunst met elkaar verbonden hoorde te zijn leidde zelfs tot het vervaardigen van meubelen.Tot hun inspiratiebronnen hoorden de Duitse kunst uit de tijd van de gotiek en de primitieve kunst (m.n. uit Afrika en Oceanië). Ongeveer tegelijkertijd met de Franse Fauvisten waren er in Duitsland schilders, die net als de Fransen, felle kleuren gebruikten en de natuurlijke vormen wijzigden als ze dat nodig vonden om iets te benadrukken. Hun wijze van verbeelden werd sterk beïnvloed door hun gevoelens. Er waren twee groepen Duitse expressionistische schilders in Duitsland: "Die Brücke" en "Der blaue Reiter". "Die Brücke" wilde een verbinding zijn tussen allerlei stromingen. Er werden onnatuurlijke felle kleuren gebruikt en men vond inspiratie in negersculpturen uit Afrika en Japanse houtsneden . |
||
|
Bron: Etnologisch Museum Berlijn
|
Europese en Noordamerikaanse kunstenaars zijn sinds het begin van de 20ste eeuw geïnspireerd door Afrikaanse kunst. De Duitsers Max Pechstein, Emil Nolde en Karl Schmidt-Rottluff werden beïnvloed door werken uit de verzameling van het Etnologisch Museum in Berlijn. |
||
|
|
Ongeveer tegelijkertijd met de Franse Fauvisten waren er in Duitsland schilders, die net als de Fransen, felle kleuren gebruikten en de natuurlijke vormen wijzigden als ze dat nodig vonden om iets te benadrukken. Hun wijze van verbeelden werd sterk beïnvloed door hun gevoelens. Er waren twee groepen Duitse expressionistische schilders in Duitsland: "Die Brücke" en "Der blaue Reiter". "Die Brücke" wilde een verbinding zijn tussen allerlei stromingen. Er werden onnatuurlijke felle kleuren gebruikt en men vond inspiratie in negersculpturen uit Afrika en Japanse houtsneden . "Der blaue Reiter" is meer ingetogen en probeerde een link te leggen tussen de zichtbare wereld en de wereld van de geest. Een van de leden was Kandinsky en hij wordt beschouwd als een van de eerste makers van een abstract schilderij . Hij kwam tot die stap bij het zoeken de ware bron van de artistieke schepping. Hij vond dat kleur,lijn en vorm op zichzelf staande algemene waarde had. |
![]() Kandinsky: Black and Violet |
|