Wie weer naar huis komt over de lange brug
is, als hij niet voor het schip hoeft te wachten
dat er altijd doorvaart in zijn gedachten,
van elke reis, hoe ver, op slag toch terug
Thuis zijn is alles weerzien en
vliegensvlug
kijken en voelen of geen vreemde machten
in de voegen van de stad overnachten
of er niets zoekgeraakt is achter je rug
Wim Ramaker *)