In d-mineur

Ik ben de jongen die jou nakeek, toen.
De man die nog geen haartje wijzer is.
De demon van het zwarte notenbeeld.
De dromer zonder reden van bestaan.
De dreumes die z'n grote broertje zocht.
De duvel uit een doosje van fluweel.
De dief van je verleden en je lijf.
De dwaas die onbeschaamd heeft liefgehad.
De dervisj dansend buiten het gareel.
De drinker die een bende heeft gemaakt.
De dutter die de tijd voorbij liet gaan.
De djinn die nog een keer verschijnen wil.
De domoor die geen deficit aanvaardt.
De dichter die er niets meer aan kan doen.

Peter M. Heringa (1945 - 1987)
(Uit de reeks: Ron
)

La mer, ce grand sculpteur, 1997
Jean Michel Folon


foto ©eisjen gemaakt in  Museum Beelden aan Zee

 

 

 Pictures and  Poems

 

 

 


 



Gerrit Komrij over Peter M. Heringa in de NRC van 27.06.02:

(...) In d-mineur, deel uitmakend van een cyclus bij het sterven van
zijn vriend en levensgezel Ron Ramsay, is tegelijk een wanhopige
opsomming en een liefdesgedicht. Na de verliefde jongen van
vroeger en de nog even domme man van nu uit regel één en twee die
reeks d-woorden, demon, dromer, dreumes en zo voorts, allemaal
uitlopend op

De dichter die er niets meer aan kan doen

-en ook vooruitlopend, vanzelfsprekend, op het deficit uit de
voorlaatste regel, het deficit dat door de domoor niet wordt aanvaard,
het is bij elkaar een emotioneel gedicht, knap in toom gehouden door
spel en vorm. (...)

Volgens dit artikel van Komrij over Heringa is er een bundel met
verzamelde gedichten onder de titel Voces Intimae verschenen.